Een Delftenaar geeft zich niet zo maar gewonnen. Hij verkoopt zijn huid duur. Dat geldt voor een ruwe, dichtbehaarde huid, zoals die van ondergetekende maar ook voor het zachte perzikhuidje, dat Barbara Steeg van Moeder Natuur meekreeg.

In Delft kom je veel typen huid tegen: lelieblank, zonnebankbruin tot aan de bijna zwarte teint van Afrikaanse Delftenaren. Vermeer zou zijn ogen uitkijken en kleuren te kort komen.
Sommige mensen laten hun huid graag zien en versieren zichzelf met tatoeages. Anderen kiezen ervoor om zich van top tot teen te bedekken. Moet allemaal kunnen.

Ergens in Delft vond ik een gevelsteentje, getiteld “de huidehandel”.
Waar bevindt zich dit steentje?
Terwijl jullie de oplossing zoeken, ga ik een beer schieten. Hopelijk lukt dat snel, want ik heb de huid namelijk al verkocht.





4 Reacties

  • Herman zegt:

    Dat is mooi Agneta. Dat stelt mij in staat als niet-Delftblogger het juiste antwoord te geven. Deze 17e eeuwse gevelsteen met de voorstelling van de huidenhandel bevindt zich volgens mij op het Oosteinde 2. Zit ik er ver naast?

    Geplaatst op 4 september 2010 om 16:57

  • Agneta zegt:

    Oeps, Jesse wist natuurlijk nog niet dat Delftbloggers uitgesloten zijn van deelname :)

    Geplaatst op 4 september 2010 om 12:48

  • Anton zegt:

    Dat klopt, Jesse.
    En ruim voordat Herman een cryptische hint kon geven.

    Geplaatst op 4 september 2010 om 11:32

  • Jesse zegt:

    Dat is een makkie. Deze zeventiende-eeuwse gevelsteen met de voorstelling van de huidenhandel bevindt zich op het Oosteinde 2.

    Geplaatst op 4 september 2010 om 11:28