Bijna dertig jaar geleden zong de Delftse band Div: “Heet, heet, hitte, heetheet. Wat heet hitte.”
Het liedje “Sa-ha-ra” werd nooit een hit.
Nog langer geleden zong iemand anders over Brandend zand: de hitte van de middagzon doet de lucht boven de vlakte trillen.
In de zware dikke lucht bewegen de reusachtige graafmachines en kranen nog langzamer dan anders. De brandweer zou de belendende percelen nathouden, als die percelen afgelopen winter niet gesloopt waren.
Voor het station strekt zich een woestijn uit, waar een mens het niet lang uithoudt. De hittegolf zorgt voor extra vertraging en in het afgelopen jaar heeft het project al een jaar vertraging opgelopen.
Kijkend naar de Delftse Sahara begrijp ik waarom we zo nodig ondergronds moeten. Door de opwarming van het klimaat zal het voortaan ieder jaar zo heet worden. Ondergronds heerst dan een behaaglijke koelte. Wachten op een vertraagde trein zal een stuk aangenamer worden.
![]()