Het Centraal Bureau voor de Statistiek heeft het bodemgebruik in Nederland onderzocht. Daaruit werd geconcludeerd dat ons land voor één procent bestaat uit sportterrein.
Wat? Slechts één (1!) procent? Een groot wonder dat dit überhaupt wereldkampioenen heeft opgeleverd in de afgelopen decennia.

Dat ene procent aan sportterrein komt neer op ruim 20 vierkante meter sportveld per Nederlander. In dat licht bezien valt het nog mee, iedereen die zich, onder andere in onze prachtige stad Delft, op een veldje van 4 bij 5 meter sportief kan verpozen.
Okay, zwemmen wordt moeilijk en ook wielrenners komen er iets aan tekort maar voor handige balsporters (voetbal, handbal, volleybal, basketbal, korfbal) moet het genoeg zijn.

Buurgemeente Rijswijk kent het grootste percentage sportterrein, maar liefst 9% van het bodemgebruik bestaat uit sportvelden. De eilanden Vlieland, Schiermonnikoog en Terschelling komen er zeer bekaaid af met een  minimaal percentage: 0,1 %. Stedelijke gebieden ruimen verhoudingsgewijs meer plaats in voor sportgebied dan landelijke. Het grootste aaneengesloten sportterrein van Nederland, twee golfbanen met een oppervlakte van ruim 150 hectare (tweehonderd voetbalvelden!), bevindt zich nabij de gemeenten Amsterdam en Haarlemmerliede en Spaarnwoude.
De les hieruit? Op de meeste plaatsen in Nederland wordt slechts zeer oppervlakkig aan sport gedaan…





2 Reacties

  • Anton zegt:

    Ik denk dat ze in Spanje net iets meer sportvelden hebben :-(

    Geplaatst op 11 juli 2010 om 23:23

  • Sporthater zegt:

    En dat is maar goed ook!

    Geplaatst op 11 juli 2010 om 16:36